Wat doe je normaal gesproken als iemand je een vraag stelt? Je geeft een eerlijk antwoord. Wat doet een politicus die net op heterdaad betrapt is terwijl hij de boel belazert? Ongeveer hetzelfde als een kind dat net iets fout heeft gedaan, en terwijl hij met grote verontwaardiging vertelt dat je het echt verkeerd gezien hebt, zelf in zijn fantasie gaat geloven.
Neem Tjeerd Talsma, gedeputeerde van Noord Holland. Vraag hem of hij zojuist goedkeuring heeft gegeven aan de eerste megastal van Noord Holland, dan zegt hij:
Nee, want in de eerste plaats heeft iedereen een ander idee over megastallen, dus dat heeft al niet zo erg veel zin, om daarover te praten. Daar heeft ieder z’n eigen definitie voor.
Leg je hem voor dat het bedrijf met 4,5 hectare en 750 melkkoeien drie keer zo groot is als de norm voor een megastal, dan is het:
Nou het gaat niet om megastal ja of nee. […] Als we het over megastallen hebben, dan hebben we het echt over intensieve veehouderij en dan in gigantische aantallen. Nou, daar hebben we het hier niet over en daar hadden we ook ongetwijfeld geen toestemming voor verleend.
En tot slot de controlevraag: blijft de provincie tegen megastallen?
Nou, we gebruiken het woord megastallen niet, want het is een te zwaar beladen begrip.
Bij nader inzien ben ik het met z’n eerste opmerking van harte eens. Het heeft totaal geen zin hierover te praten. Ze zijn te goed. Die bestuurders. In zand in je ogen strooien, zodat je er geen bal meer van begrijpt.
Het wordt weer hoog tijd voor een postercampagne om het vertrouwen in de politiek op te krikken…
PS: hier het hele video-interview. Met complimenten voor de interviewer

Zo enthousiast als ik vier jaar geleden begon als Statenlid, zo enthousiast vertrek ik nu. Nog voordat ik geïnstalleerd was als Statenlid stelde ik schriftelijke vragen. Over de achterblijvende realisatie van windenergie in Utrecht. Ergens onderweg verloor ik dat enthousiasme.